lto-topsport-lectoraat-cees-vervoorn-klein

2014 was een goed jaar

2014 was
een goed jaar

Marije Baart de La Faille

“Bij de kracht van sport denk ik vooral aan ‘samen’ en ‘het beste uit jezelf halen’ …Ik beoefen ook andere, meer individuele sporten, maar het sociale aspect van het roeien vind ik heel bijzonder”. Dat zei Marije Baart de la Faille-Deutekom, lector Kracht van Sport in 2013. Die mening is onveranderd, maar ze wil er nu wel iets aan toevoegen: “Ik ben inmiddels steeds meer geïnteresseerd in de succesfactoren die bepalen of je het maximale uit die kracht kunt halen. De kracht van sport is er niet zomaar, daar zitten voorwaarden aan. Het is belangrijk om die voorwaarden te kennen, zodat de kracht van sport ook een zo groot mogelijk effect kan hebben op de gezondheid en maatschappelijke aspecten.”

Hoogtepunten 2014

Marije Baart de La Faille-Deutekom is tevreden over het afgelopen jaar, dat veel heeft opgeleverd voor de Kracht van Sport. Wat waren volgens haar de belangrijkste resultaten van 2014?

Kracht van Sport en Topsport & Onderwijs

“2014 was een goed jaar, waarin veel is bereikt. Ik heb bijvoorbeeld het plan voor het Lectoraat Kracht van Sport geschreven, dat aan het eind van het jaar is goedgekeurd door de HvA. Het lectoraat is sinds 1 januari 2015 officieel ingesteld. Voor de Kracht van Sport werkte ik al veel samen met het lectoraat Topsport & Onderwijs van Cees Vervoorn. De koppeling van onze lectoraten en expertise leidt tot mooie resultaten. Cees heeft een heel groot netwerk, waardoor hij gemakkelijk in contact komt met mogelijke onderzoeksvragen en partners. Nu kunnen we deze vragen daadwerkelijk gaan onderzoeken. Het is erg fijn dat we een team hebben dat ons daarbij ondersteunt. We werken heel nauw samen, motiveren en stimuleren elkaar. Maar als het nodig is zijn we ook streng voor elkaar. Wat dat betreft zijn we net een familie.

Samenwerking Jeugdsportfonds

Een mooi voorbeeld van de meerwaarde van de koppeling van beide lectoraten is de samenwerking met het Jeugdsportfonds. Dat is een fonds voor kinderen van 4 tot 18 jaar uit armoedegezinnen, die geholpen worden met een lidmaatschap voor een sportvereniging. Daar krijgt de sportvereniging geld voor en ze willen graag weten wat het fonds nou oplevert, hoe goed ze het wel of niet doen en waarom ze bepaalde doelgroepen niet kunnen bereiken. Met dit soort vragen zijn ze naar ons toegekomen en wij gaan daar de komende vijf jaar onderzoek naar doen.

Sportdeelname

De primaire lijn van mijn lectoraat is sportdeelname. Hoe kun je die vergroten, én wat is de waarde van sportdeelname, oftewel: wat levert ons het nou op als we aan sport doen? Het Europese onderzoeksproject om de sportdeelname van kinderen met een handicap te vergroten past mooi bij deze lijn. Afgelopen jaar kregen we een grote Europese studie toegewezen voor dit onderzoek. Daar zijn we erg blij mee; we kunnen aan de slag met dit belangrijke onderzoek en het is tegelijkertijd een mooie bevestiging van onze expertise op dit vlak dat we een dergelijke subsidie krijgen.

Onderzoek naar de waarde van sportdeelname doe ik bijvoorbeeld voor de UvA en het universitair sportcentrum. Ik bekijk momenteel of er een relatie is tussen een lidmaatschap van het universitair sportcentrum en de studieresultaten. Zo proberen we te bekijken of de kracht van sport ook gekwantificeerd kan worden; wat levert sportdeelname nou daadwerkelijk op?

Economische impactstudies

Sportdeelname heeft ook een economische impact. We doen bijvoorbeeld contractonderzoeken voor opdrachtgevers die zelf naar ons toekomen. Die economische impactstudies doe ik samen met Pieter Verhoog van sportconsultancybureau Sport to be. Zo hebben we het afgelopen jaar voor het WK-roeien samen met studenten een economische impactstudie gedaan op de Bosbaan.

World rowing Championships

BEKIJK HIER
2014 WORLD ROWING CHAMPIONSHIP

cees-vervoorn-lectoraat-topsport-bladsites-online-magazine


Daarna hebben we ook voor de marathon van Amsterdam de economische impact in kaart gebracht. Le Champion, een groot evenementenbureau dat onder andere de Dam tot Damloop en de marathon organiseert, wilde weten wat de marathon de stad oplevert. Dus hebben wij een aantal studenten ingehuurd, die met ouderwetse enquêtes langs het parcours bezig zijn geweest om bijvoorbeeld te vragen wat bezoekers uitgeven tijdens het kijken. Maar we hebben ook een grootschalig online-onderzoek gedaan en vragenlijsten in zes talen naar alle deelnemers gestuurd. We wilden weten met hoeveel mensen ze kwamen, waar ze sliepen, of ze ook musea bezocht hebben et cetera. En we hebben gesproken met de organisatie van het evenement zelf, om de geldstroom daar in kaart te brengen. Zo hebben we een beeld gekregen van wat het evenement in harde euro’s oplevert. Dat hoort ook bij sportdeelname, al vind ik persoonlijk de maatschappelijke en sociale effecten en de impact op de gezondheid interessanter. In dat kader hebben we ook onderzocht in hoeverre evenementen aanzetten tot gedragsverandering en het effect daarvan op de gezondheid en tevredenheid. Daar is ook een boekje over gemaakt.

World rowing Championships

BEKIJK HIER
TCS AMSTERDAM MARATHON 2014

cees-vervoorn-lectoraat-topsport-bladsites-online-magazine


De grote sponsor van de Amsterdam Marathon, TCS consultancy, is ook sponsor van de New York marathon, de marathon in Singapore en India. Zij denken erover om daar ook dit soort onderzoeken te doen. Dat zou een geweldige spin-off zijn. Het is sowieso heel fijn om te merken dat onze klanten zo tevreden zijn en bij ons terugkomen. We mogen bijvoorbeeld ook onderzoek doen bij het WK-roeien in Frankrijk, omdat het in Amsterdam goed bevallen is.

Apps en e-health

Om de effecten van sportdeelname in kaart te brengen kijken we ook naar de waarde van apps en andere technologie. Sinds kort ben ik ook lector bij InHolland; ik heb dus een dubbel lectoraat voor mijn onderzoeksprogramma. Het is een heel mooie verbintenis, waarbij we bijvoorbeeld samenwerken aan het Europees onderzoek naar aangepast sporten en aan onderzoek naar het effect van apps en E-health op de sportdeelname. Dat project is vorig jaar gestart, als een onverwacht gevolg van de Dam tot Damloop. Daar doe ik al een paar jaar onderzoek naar, en in 2013 bleek dat mensen die een app gebruikten veel vaker hun gedrag hadden verbeterd dan mensen die geen app gebruikten. Daar wilden we meer van weten. Doordat we elk jaar grote sportevenementen evalueren, hebben we een grote databases tot onze beschikking. Dat geeft ons geen informatie over oorzaak en gevolg, maar we kunnen er wel mooie relaties mee bekijken; bijvoorbeeld de prestaties of gezondheid van app-gebruikers versus mensen die geen apps gebruiken. Dat hebben we in september 2014 ook gedaan en het blijkt dat app-gebruikers nog steeds vaker en meer gaan trainen, zich vaker gezonder voelen en hun dieet aanpassen. Dat hebben we allemaal getoetst en gecontroleerd voor een aantal achtergrondvariabelen zoals geslacht, achtergrond en leeftijd. Ook als je die groepen gelijk maakt, blijft het effect van de app staan. Hoe komt dat? Dat willen we graag onderzoeken. Maar we willen bijvoorbeeld ook weten hoe mensen tegen privacy aankijken en ze de app zelf als stimulans ervaren. Het is nog een redelijk onontgonnen onderzoeksgebied, en dus heel erg interessant.

Voor mij is het ook een link met mijn vroegere werk bij het AMC, toen ik onder meer onderzoek deed naar zelfdiagnostiek en zelftests, en de waarde van informatie. Ik vind het interessant om te bekijken wat we met al die informatie gaan doen. Nu komt het vaak van een app, maar straks hebben we allemaal horloges waar we van alles mee kunnen controleren. Worden we daar nou meteen fitter en gezonder van? En moet je mensen die competitiegericht zijn iets anders geven dan mensen die dat helemaal niet zijn? Allemaal interessante onderzoeksvragen. We zijn bezig in Amsterdam Oost een soort van living lab of field lab in te richten in het Oosterpark, waar we dit soort onderzoeken kunnen uittesten.”

 

 

Jaaroverzicht 2014
Jaaroverzicht 2014

Logo